Direct naar hoofdmenu / zoekveld

Geschiedenis

Een stukje historie

Wellicht heeft Asten al verscheidene jaren tot woonplaats voor mensen gediend, voordat er een "stenen huysinge" aan de rivier de Aa werd gebouwd. Misschien heeft dat stenen huis tot de naam Asten geleid. Zeker is, dat in documenten van het jaar 1212 de naam Asten voorkomt. Een originele oorkonde uit 1202 in het Rijksarchief te 's-Hertogenbosch, waarin de naam "Astense" voorkomt, zou op een tien jaar oudere leeftijd kunnen duiden. Asten is ontstaan langs een route op de hoger gelegen zandrug tussen de armen van de rivier de Aa. De hoge rug bood veiligheid tegen overstromingen en gaf bovendien een stevige grondslag voor de fundering van de weg en van de boerderijen die er langs lagen. Asten was aanvankelijk een grondheerlijkheid, een oerbezit dat door niemand in leen werd gehouden. De oudst bekende heer van Asten, zo blijkt uit een charter van 1221, was Albertus van Cuc (Cuyck). Door zijn gunstige ligging ontwikkelde het dorp Asten zich voorspoediger dan de aangrenzende gehuchten. Omdat Asten de eerste grotere plaats was nabij de Peelmoerassen, vond men hier de smederijen voor reparatie van wagens en werktuigen, de kroegen en logementen. Verder ontwikkelde zich een bloeiende handel in levensmiddelen en textiel voor boeren en arbeiders in het achterland. In de loop der eeuwen is Asten verscheidene malen in anderen handen overgegaan. In 1898 kwam de Heerlijkheid, waarvan slechts het kasteel (toen al een ruïne) en enkele landerijen waren overgebleven, in het bezit van de familie Van Hövell tot Westervlier en Wezenveld. De kasteelruïne en bijbehorende gebouwen zijn tegenwoordig particulier bezit.

 


Jan die Smet
"Zomer 1447, Op Den Diesdunc in het middeleeuwse Asteyn vestigt zich Jan die Smet, klokkengieter. Die zomer giet hij voor de robuuste kerktoren van Asteyn een luidklok, zoals er in de wijde omgeving geen tweede te vinden is."
De klok hangt nog steeds in de Grote Kerk van Asten en maakt deel uit van de schitterende beiaard, één van de omvangrijkste van Nederland. Asten heeft Jan die Smet opnieuw in zijn armen gesloten. Ruim 550 jaar na het gieten van de Jan van der Diesdunc-klok krijgt de gieter zijn eigen beeld in brons op het Koningsplein. Het beeld is vervaardigd door Pierrot van Leest.

In 1995 werd door de Koninklijke Eijsbouts de grootste klok gegoten (12.500 kg) ooit in Nederland vervaardigd. Bij de presentatie van deze klok werd Asten uitgeroepen tot "Klokkendorp". De benaming "Het Klokkendorp" wordt verder inhoud gegeven met het Beiaardmuseum, de wekelijkse beiaardbespelingen, producten (Peelkoek) en souvenirs in de vorm van een klok. Het is niet voor niets dat de slogan van Asten luidt: ´t is Asten wat de klok slaat!


0 (Small)Ommel

 

Het tot Asten behorende kerkdorp Ommel heeft eveneens een lange geschiedenis. Volgens een legende werd rond het jaar 1400 op een hek of eindpost van een weide een klein beeldje gevonden van Onze Lieve Vrouw met Kind. Dit beeldje dateert van tussen het jaar 1000 en 1200. Het bevindt zich in de Kerk van Ommel en trekt jaarlijks vele Pelgrims.

Heusden

 

In het midden van de 19e eeuw lagen een viertal gehuchtjes - de "Voorste Heusden", de "Middelste Heusden", de "Achterste Heusden" en "de Behelp" - langs een oude zandbaan dwars door de Peel naar Nederweert. De aanwezigheid van de Kasteelruïne met poort en voorhoeve wijst er evenwel op dat Heusden een zeer oud gehucht moet zijn geweest. Als kerkdorp is Heusden ontstaan in 1921 toen de Heusdense kerk werd gebouwd.
De bewoners van de gehuchten, die thans Heusden vormen, bestonden voornamelijk uit boeren die in de Peel turf staken en deze elders gingen verkopen. In de tweede helft van de 19e eeuw probeerden zij de Peel voor de landbouw geschikt te maken. Door het afbranden van het terrein in het voorjaar meende men de veengrond te kunnen gebruiken voor de teelt van boekweit. Turfwinning was naast de landbouw de belangrijkste bron van inkomsten.

31 (Small)Kasteel

 

Van het kasteel van Asten rest momenteel slechts een ruïne. De heerlijkheid Asten wisselde nogal eens van familie. Enkele bekende eigenaren waren de familie Back, Van Brederode, De Merode en van Doerne. Het laatste geslacht dat op het kasteel woonde was de familie van Hövell tot Westerflier. Zij verbouwde het kasteel maar lang konden ze daar niet van genieten. In 1944 werd het kasteel in brand geschoten. Alleen de boerderij op de voorburcht is gerestaureerd en is tegenwoordig particulier bezit.

 

 

Asten nu

 

Asten heeft zich ontwikkeld tot een moderne gemeente, waar het plezierig wonen, werken en recreëren is. Asten biedt zowel inwoners als toeristen een hoog en gevarieerd pakket aan voorzieningen.

 


Uitgelicht

placeholder

Zoeken