In Loverbosch III in Asten wordt volop gewerkt aan 25 nieuwe sociale huurappartementen. Het project kreeg eerder dit jaar te maken met flinke uitdagingen toen de leverancier die de appartementen bouwde, failliet ging. Wat volgde was een intensieve periode waarin Bergopwaarts alle zeilen moest bijzetten om het project voort te kunnen zetten. Door snel handelen én een nauwe samenwerking met de gemeente Asten lukte dat. Directeur-bestuurder Pieter Thoben van Bergopwaarts en wethouder John Bankers bezochten samen de bouwplaats.
Appartementen veiligstellen
De appartementen voor Loverbosch III werden grotendeels prefab in de fabriek gebouwd. Het idee van deze manier van bouwen is dat woningen in korte tijd op hun definitieve plek geplaatst kunnen worden. Dat zorgt voor een kortere bouwtijd op locatie en minder overlast voor de omgeving.
Nog vóór het dreigende faillissement werd langzaam duidelijk dat er vertraging zou ontstaan in de bouw. Toen de leverancier in maart failliet ging, kwam het bouwproces nog verder onder grote druk te staan. De appartementen waren op dat moment al grotendeels gebouwd en stonden in de fabriek. Maar bij een faillissement kun je als opdrachtgever niet zomaar opeisen wat zich daar bevindt. Voor Bergopwaarts begon daarmee een intensief juridisch traject om de grotendeels gebouwde modules van de appartementen veilig te stellen. Dat lukte: Bergopwaarts kreeg de appartementen in bezit en kon verder met het project.
Van nachtelijk transport tot ontbrekende onderdelen
Het vervoer naar Asten was een flinke logistieke operatie. De modules zijn 6,2 meter breed en wegen ongeveer 50 ton per stuk. Speciaal transport bracht ze daarom ’s nachts over de weg naar Loverbosch III. Om voldoende ruimte te creëren voor het brede transport, hielp de gemeente Asten met het tijdelijk verbreden van de route met rijplaten.
Ook op de bouwplaats zelf zat het niet altijd mee. Door hevige regenval liep de bouwput vol water, juist in de aanloop naar het plaatsen van de modules. Met grote pompen werd het water afgevoerd, zodat het plaatsen en stapelen door kon gaan.
Daarmee waren de problemen nog niet opgelost. Het bouwpakket bleek niet compleet. Zo ontbraken onder andere de stelplaten die nodig zijn om de appartementen goed op elkaar te kunnen plaatsen. Deze moesten op zeer korte termijn ergens anders opnieuw worden gemaakt.
Samen de schouders eronder
Ondertussen zorgden het faillissement en de vertraging ervoor dat de oorspronkelijke planning van het bouwproces niet meer haalbaar was.
Bergopwaarts en de gemeente Asten zochten samen naar een oplossing. De gemeente dacht actief mee over de veranderde planning en de benodigde stappen van de gemeente tijdens de bouw. Door korte lijnen en soepel en adequaat te schakelen, konden de modules rechtstreeks naar Loverbosch III worden gebracht en kon de afbouw op de definitieve locatie doorgaan.
Zonder het snelle schakelen hadden de modules eerst tijdelijk ergens anders moeten worden opgeslagen. Daarna zouden ze opnieuw naar Asten moeten worden vervoerd. Dat zou extra tijd en kosten betekenen en oplevering aan de nieuwe bewoners in 2026 was dan niet meer haalbaar geweest.
‘Juist op zo’n moment merk je hoe belangrijk het is dat je elkaar als partners weet te vinden,’ zegt Pieter Thoben, directeur-bestuurder van Bergopwaarts. ‘Er waren momenten waarop het project echt had kunnen vastlopen. Onze projectmanagers en gemeente Asten bleven steeds zoeken naar wat wél kon. Die enorme betrokkenheid en het oplossingsvermogen van alle partijen hebben ervoor gezorgd dat we hier nu staan.’
Er wordt nu volop gewerkt aan de afbouw van de appartementen. Naar verwachting ontvangen de nieuwe bewoners eind 2026 de sleutel van hun nieuwe woning.
